Met sensoren meten of er gedanst en gezweet wordt op Paaspop

Combineer een groot festivalterrein vol met sensoren die gigabytes aan data verzamelen met twintig enorm enthousiaste studenten en je krijgt er een mooie Paaspop-hackathon voor terug. De eerste editie van deze hackathon was zo’n succes, dat een vervolg er wellicht ook nog in zit.

 

Stel je nou eens voor dat je zelf slimme Internet of Things-oplossingen kunt bedenken voor een evenement als Paaspop. Wat zou je dan doen? Dat was de opdracht die deelnemers aan de hackathon meekregen van de organisatie, bestaande uit
Info Support, Microsoft en natuurlijk Paaspop zelf. Ze werkten twee dagen in teams aan deze opdracht.

Dat niet alle teams met dezelfde ideeën kwamen, werd al gauw duidelijk. “Je kunt grofweg twee soorten aanpakken kiezen: bedenken wat je kunt doen met de data die je hebt, of beginnen met je afvragen welke data je allemaal zou kunnen verzamelen op zo’n terrein en daar een oplossing voor bedenken”, aldus Hans Geurtsen, Principal Data Solutions Architect bij Info Support. Hij was een van de
Info Support-medewerkers die de studenten begeleidden.

 

UB20

Aan creativiteit ontbrak het de deelnemers geenszins. Geurtsen: “Zo hield een aantal teams zich bezig met de klimaatbeheersing in de tenten, omdat uit de briefing van Paaspop bleek dat de organisatie daar nog best moeite mee heeft. Een ander team bedacht een IoT-toepassing waarmee je kunt meten in hoeverre een podium-act de aandacht van het publiek weet vast te houden.” Daaruit bleek onder meer dat de meeste bezoekers het optreden van UB40 al na een minuut of twintig voor gezien hielden, waaruit de studenten dan weer gekscherend concludeerden dat de band zijn naam beter kan veranderen in UB20.

De projecten werden beoordeeld door een jury, bestaande uit Paaspop-organisator Chris Seijkens, Henk Brands van Info Support en Jesse van Leth van Microsoft. Het team dat het winnende concept bedacht, wist gebruik te maken van alle data die door de sensoren op het festivalterrein werden gegenereerd. “En dat was nog best knap”, vindt Geurtsen. “Want in de twee dagen dat de hackathon plaatsvond werden er maar liefst 15 miljoen events verzameld. Het bleek voor de meeste teams best ingewikkeld om te bedenken hoe je met dit soort hoeveelheden events om moet gaan. Het winnende team had die data behapbaar gemaakt door ze in te delen in groepjes, een soort emmertjes met verschillende soorten data.”

 

Zweet- en dansindex

Het idee mag dan ook gerust een totaalconcept worden genoemd: “Met deze oplossing kun je de reis die een individuele bezoeker aflegt volgen op de kaart van het festivalterrein. Zo kun je zien hoe vaak hij op een bepaalde plek terugkomt, maar er is ook te zien hoeveel bezoekers er in een bepaalde tent zijn op elk moment. Daar hadden ze bovendien nog een zweetindex en een dansindex aan toegevoegd, zodat je als bezoeker kunt zien in welke tent het op dat moment te doen is, of juist niet.”

De hackathon bleef overigens ook in de media niet onopgemerkt: zowel Radio 1, Brabants Dagblad als 3FM besteedden aandacht aan het initiatief.

En de organisatie van Paaspop? “Die vonden de hackathon zo geslaagd dat de kans groot is dat we dit volgend jaar weer gaan doen”, aldus Geurtsen.